In plaats van in oogdruppels, kun je medicijnen beter in een contactlens stoppen en het traanvocht de dosering laten regelen. In vitro werkt het perfect, schrijven UCLA-onderzoekers in ACS Nano.

Het idee is dan dat je het medicijn verpakt in een stof die door enzymen in dat traanvocht geleidelijk wordt afgebroken. Veel geleidelijker dan wanneer je oogdruppels gebruikt waar in één keer een hoge dosis uit komt en vervolgens niets meer.

Dean Ho en collega’s hebben het uitgeprobeerd met timololmaleaat, een betablokker die de oogboldruk verlaagt en daardoor werkzaam is tegen glaucoom.

Ze gingen uit van ‘nanodiamantjes’, koolstofkristalletjes van 5 nm diameter. De kristalvlakken van deze deeltjes zijn afwisselend positief en negatief geladen, zodat diverse organische verbindingen er prima aan hechten; Ho heeft al eerder laten zien dat je ze kunt gebruiken als transportmiddel voor chemotherapie. Voor zover bekend zijn ze niet toxisch.

De nanodiamantjes coat je eerst met een laagje polyethyleenimine. Vervolgens vermeng je ze met zowel timololmaleaat als chitosan. Dat laatste polysaccharide crosslinkt het polyethyleenimine, zodat je klontjes gel krijgt waarin het medicijn zit opgesloten (de diamantjes ook trouwens, maar die lijken alleen maar te dienen om het zaakje de gewenste structuur te geven.

Tot slot meng je die gelbolletjes door de hydrogel waar contactlenzen van worden gemaakt. En daar maak je... contactlenzen van.

De truc is dan dat de lysozymen, die van nature in traanvocht zitten, het chitosan afbreken. Het timololmaleaat komt dan vrij. Zeker in het begin zal dat heel geleidelijk gaan; pas als het enzym zich verder door de bolletjes heen vreet wordt de medicijnafgifte wat minder constant. De kunst is dan om het systeem zo af te stellen dat het minstens 24 uur goed gaat, dus langer dan de totale gebruiksduur van zo’n zachte ‘daglens’ .

Volgens Ho gaat het in vitro nu al 48 uur goed. Belangrijk is ook dat het medicijn er inderdaad alleen uit blijkt te komen als lysozymen aanwezig zijn, dus niet zolang de lens nog in het doosje zit, en dat dat medicijn ook werkzaam blijft.

Dierproeven zullen wel de volgende stap zijn.

bron: C&EN

Onderwerpen