Braaksimulator in actie. Het rubberen gezichtje lijkt enkel voor de show te zijn.

Norovirussen verspreiden zich door aerosolvorming tijdens het overgeven. Dat leiden Amerikaanse onderzoekers af uit proeven met een zelfgebouwde braaksimulator, schrijven ze in PLOS One.

De rondvliegende aerosoldeeltjes kunnen omstanders rechtstreeks besmetten, maar ook landen op tafels en deurknoppen waar het virus wekenlang levensvatbaar blijft. Het zou mede verklaren waarom norovirusinfecties zo snel om zich heen grijpen en in no time een compleet cruiseschip aan de buikgriep kunnen krijgen.

De simulator van Lee-Ann Jaykus en collega’s is een viermaal verkleinde weergave van de menselijke mond, slokdarm en maag. Die laatste bestaat hier uit een kunststof buis met een zuiger, waarachter luchtdruk wordt opgebouwd met een pompje. Vóór de zuiger zit een hoeveelheid imitatiekots met een representatieve viscositeit; de onderzoekers gebruiken er bijvoorbeeld een instant Jell-O trilpuddinkje voor, met een aangepaste hoeveelheid water.

De slokdarm is een stuk kunststof slang met een kogelafsluiter. Draai je die open, dan schiet de zuiger abrupt vooruit en schiet als het ware de vloeistof af in een perspex doos van 30 bij 30 bij 45 cm. Aan de overkant van die doos zit een monsternamepunt.

Proeven met een MS2 bacteriofaag, een voor mensen ongevaarlijk virus met ongeveer dezelfde fysische eigenschappen als een norovirus, leerden dat een klein deel inderdaad als aerosol de overkant bereikt. Het lijkt hooguit 0,02 procent van het totale aantal virusdeeltjes in de kots te zijn. Maar geschat wordt dat dat aantal iets van 30 miljoen bedraagt, terwijl je er nog geen 1.000 nodig hebt om iemand te besmetten.

Er werd al vermoed dat dit mechanisme, naast rondspattende fecaliën, een rol speelt bij de verspreiding van norovirussen. Heftig overgeven (de auteurs spreken van ‘projectile vomiting’) is immers een van de belangrijkste symptomen van een norovirusinfectie. Maar tot nu toe was nooit experimenteel aangetoond dat het echt zo werkt.

bron: North Carolina State University