Vrijwel alle winbare edelmetalen op Aarde zijn afkomstig uit een enorme meteorietenregen van zo’n vier miljard jaar geleden. Daarmee hebben we dus enorme mazzel gehad, suggereert een publicatie in Nature.

Wat er vóór die meteorietenregen aanwezig was aan edelmetalen, is namelijk onbereikbaar. Veel van die metalen hebben meer affiniteit met gesmolten ijzer dan met gesmolten silicaten. Toen de planeet langzaam stolde en de ijzerkern zich vormde, kwamen ze vrijwel geheel in die ijzerkern terecht. Geschat wordt dat daar genoeg in zit om het complete aardoppervlak te voorzien van een 4 meter dikke laag bling-bling... maar zie het maar eens boven te krijgen.

De meteorietenregen kruiste de baan van de Aarde ongeveer 200 miljoen jaar later. De aardkorst was toen al gestold en het puin bleef bovenop liggen.

Matthias Willbold en collega’s (University of Bristol) hebben dit kunnen bevestigen aan de hand van verschillende wolfraamisotopen in de bodem. Ze wisten een rotsafzetting op Groenland te vinden die qua samenstelling overeenkomt met die van de Aarde vóór de meteorietenregen, en daarin bleek de verhouding 182W/184W duidelijk anders dan in andere rotsen.

De grap is daarbij dat beide isotopen stabiel zijn maar dat die 182W deels is ontstaan door radioactief verval van 182Hf. De halfwaardetijd van dat hafnium is maar 8,9 miljoen jaar, dus na een paar honderd miljoen jaar komt er nauwelijks 182W meer bij en blijft de verhouding constant.

Vind je rotsen waarin die verhouding toch anders is, dan moet het oorspronkelijke hafniumgehalte ook anders zijn geweest en komen die rotsen dus ergens anders vandaan.

De grootste opgave was volgens Willbold overigens om de zeer lage wolfraamconcentraties überhaupt te kunnen bepalen.

bron: University of Bristol, Nature

Onderwerpen