Gras, skunk, dope, haze, bhang, stuff. Iets gewoner: wiet of hasj. Cannabisproducten zijn onder allerlei namen bekend. Hars van de hennepplant vormt de basis en die bevat honderden interessante stoffen, waaronder het psychoactieve tetrahydrocannabinol (THC). De effecten van cannabis zijn enorm gevarieerd omdat de actieve stoffen op verschillende plekken in de hersenen en het lichaam aangrijpen. Dat verklaart waarom (medicinale) cannabis verlichting kan brengen bij uiteenlopende aandoeningen en symptomen. Maar gecontroleerd gebruik blijft belangrijk; de effecten kunnen ook negatief uitpakken.

Harsfabriekjes vol chemie

De groene bloemtoppen van een bloeiende, vrouwelijke hennepplant zijn bedekt met trichomen. Deze piepkleine, paddenstoelvormige kliertjes produceren een hars die de plant beschermt tegen plagen. Om deze hars draait het allemaal, want hierin zitten de werkzame stoffen. Na oogsten, drogen en uitharden van de bloemtoppen houd je wiet over. Om hasj te maken, moet je de trichomen nog scheiden van de rest van de bloemtoppen. Het overgebleven harspoeder pers je dan samen tot een plak hasj.

Hennephars bevat allerlei verbindingen, waaronder ruim honderd terpenen die de plant haar herkenbare geur geven. Ook synthetiseren de trichomen zeker tweehonderd cannabinoïden, waaronder cannabidiol (CBD), cannabinol (CBN) en het psychoactieve tetrahydrocannabinol (THC).

Alle cannabinoïden komen voort uit ‘moedercannabinoïde’ cannabigerolzuur (CBGA). De eerste stap in de biosynthese van CBGA is de condensatie van hexanoyl-CoA (Co-enzym A) met drie moleculen malonyl-CoA, zodat 3,5,7-trioxododecanoyl-CoA ontstaat, met tetraketidesynthase (TKS) als katalysator. Na cyclisatie en extractie, waarbij olivetolzuurcyclase (OAC) de rol van katalysator vervult, ontstaat olivetolzuur (OLA) en wordt CoA afgesplitst. Na toevoeging van een prenylgroep door een aromatische prenyltransferase, ontstaat uiteindelijk tussenproduct CBGA. Onder invloed van allerlei enzymen vertakt CBGA tot verschillende cannabinoïdezuren. THCA (THC-zuur) ontstaat wanneer THCA-synthase een hydroxylgroep introduceert op de C9-positie van CBGA. En CBDA-synthase introduceert een carboxylgroep op de C1-positie, waardoor uiteindelijk CBDA (CBD-zuur) ontstaat.

Tetrahydrocannabinol - kopie

Tetrahydrocannabinol

Cannabinoïden in je lichaam

Strikt genomen bevat hennep allerlei cannabinoïdezuren, maar nauwelijks cannabinoïden. Deze ontstaan pas na decarboxylatie en dat vindt plaats wanneer je cannabis rookt, verdampt of meebakt in bijvoorbeeld spacecake. Opname in je bloed gaat snel via de longblaasjes (roken, verdampen) of de slijmvliezen onder de tong (cannabisolie), maar duurt tot enkele uren als je cannabis oraal consumeert.

Om te begrijpen wat er vervolgens gebeurt, moeten we het endocannabinoïdesysteem (ECS) bekijken. Dit lichaamseigen systeem werd in de jaren ’80-’90 stapsgewijs ontdekt toen wetenschappers de effecten van cannabis bestudeerden. Het begon met de ontdekking van de cannabinoïdereceptoren, waarvan inmiddels twee typen bekend zijn: CB1 en CB2. Pas daarna kwam boven water dat ons lichaam zelf cannabinoïden aanmaakt, waaronder anandamide en 2-arachidonoylglycerol. Deze signaalmoleculen binden aan en activeren de endogene cannabinoïdereceptoren.

Anandamide heeft vooral affiniteit voor de CB1-receptoren, die voornamelijk aanwezig zijn op zenuwcellen in het centrale zenuwstelsel (ruggenmerg en hersenen). CB1 bevindt zich in meerdere hersengebieden en is betrokken bij onder andere pijnbeleving, eetlust, geheugen, emoties, slaap, coördinatie en lichaamstemperatuur. Anandamide veroorzaakt vermoedelijk, deels, het euforische gevoel dat bekendstaat als de ‘runner’s high’. Daarnaast speelt de stof een rol bij het vergeten van onaangename herinneringen. Voor 2-arachidonoylglycerol zijn zowel CB1 als CB2-receptoren bereikbaar. Die laatste vinden we onder meer op cellen van het immuunsysteem, het maag-darmkanaal en het perifere zenuwstelsel (zenuwverbindingen tussen organen/weefsels en het ruggenmerg). CB2-receptoren spelen een rol bij de afweer, pijnperceptie en ontstekingsreacties.

Anandamide

Anandamide

4400 jaar oud is het graf in Gelderland waarin archeologen cannabispollen aantroffen. Het is het oudste bewijs van cannabisgebruik in Nederland.

THC

De bekendste en best bestudeerde cannabinoïde uit cannabis is THC. Hoewel THC qua structuur niet erg op anandamide lijkt, bindt het als partiële agonist wel aan de CB1-receptoren. Activatie van CB1 verandert de afgifte van neurotransmitters, waaronder dopamine, noradrenaline en glutamaat. Dopamine prikkelt het beloningssysteem van de hersenen en dat zorgt voor ontspanning, euforie, creativiteit en motivatie veroorzaakt. Daarnaast beïnvloedt dopamine de motoriek en seksuele opwinding. Noradrenaline is ook betrokken bij stemming en motivatie, en is verder belangrijk voor de stressrespons en regulatie van de bloeddruk en hartslag. Glutamaat speelt een rol bij stemming, leren, geheugen en de communicatie tussen neuronen.

Omdat CB1-receptoren in zoveel verschillende hersengebieden zitten, lopend de effecten van THC enorm uiteen. Het kan zorgen voor euforie en ontspanning (amygdala en hippocampus), minder pijn (centraal en perifeer zenuwstelsel) en verbeterde slaap (hypothalamus, hersenstam, prefrontale cortex). Maar je kunt ook moeite krijgen met coördinatie en tijdsgevoel (basale ganglia), afmaken van zinnen (hippocampus) en cognitieve functies zoals redeneren en concentreren (prefrontale cortex). Daarnaast raakt de zintuiglijke waarneming verstoord (diverse hersengebieden) en kun je hongerig worden (hypothalamus). Bij sommige mensen zorgt het voor paniekaanvallen (amygdala), depersonalisatie of, maar dat is zeer zeldzaam, een psychose.

De effecten van THC zijn niet goed te voorspellen en verschillen sterk per persoon. De specifieke locaties van de geactiveerde cannabinoïdereceptoren, erfelijke factoren, algehele gezondheid van de gebruiker, omgevingsfactoren en nog meer zaken spelen allemaal een rol. Bovendien zorgen verschillen tussen planten en tussen kweek- en verwerkingsmethoden zorgen voor veel variatie in de samenstelling en kwaliteit van wiet/hasj.

Bij de apotheek

Sinds 2003 kun je medicinale cannabis, of mediwiet, op doktersrecept bij de apotheek krijgen. Deze cannabisproducten zijn gestandaardiseerd, van farmaceutische kwaliteit, gemakkelijk te doseren en veilig om te gebruiken met een verdamper of als olie.

Omdat cannabis honderden verbindingen bevat en de effecten zo divers zijn, is het lastig om wetenschappelijk te bewijzen of en hoe het kan helpen bij specifieke aandoeningen of symptomen. Desondanks zijn er tal van voorbeelden van gunstige effecten van cannabis. Zo kan het spierkrampen en pijn bij multiple sclerose verminderen, de frequentie en ernst van epileptische aanvallen verlagen en zorgen voor meer eetlust en minder misselijkheid bij kankerpatiënten. Ook bij een angst- of posttraumatische stressstoornis kan cannabis helpen, maar extra voorzichtigheid is geboden, want THC kan bepaalde mentale klachten soms juist verergeren.

130.000 mensen in Nederland gebruiken cannabis om fysieke of mentale klachten te verlichten, maar slechts 7000 mensen krijgen medicinale cannabis op recept.

Wekenlang traceerbaar

Twee tot vier uur na het roken of verdampen van cannabis beginnen de effecten af te nemen. Bij eten of drinken van de cannabis duurt dat iets langer. Ondertussen breken allerlei enzymen in de lever de THC en andere bestanddelen af. CYP3A4, een enzym uit de cytochroom-familie die lichaamsvreemde stoffen afbreken, zet THC eerst om in 11-hydroxy-THC. Deze stof is biologisch actief en werkt zelfs sterker dan THC. Weer een ander cytochroom, CYP2C9, zet vervolgens 11-hydroxy-THC om in 11-nor-9-carboxy-THC (THC-COOH), dat niet biologisch actief is. Daarnaast ontstaan er allerlei andere, niet actieve, metabolieten die voornamelijk via de urine lichaam verlaten.

Een deel van de lipofiele cannabinoïden, inclusief THC, lost op in vetweefsel. In de loop van de tijd komen ze langzaam weer vrij, maar in dusdanig lage concentraties dat je geen effect merkt. Hoe vaker je cannabis gebruikt, hoe meer cannabinoïden zich ophopen in het vetweefsel en hoe langer de eliminatie zal duren. Weken na gebruik kun je nog afbraakstoffen aantreffen in de urine.

Stoppen met cannabis

Er is mogelijk een medicijn op komst dat kan helpen bij het stoppen met cannabis. AEF0117 is de eerste CB1-selectieve signaleringsspecifieke remmer. Dit molecuul bindt aan de CB1-receptor op een andere plaats dan cannabinoïden doen. THC kan de receptor dus nog activeren, maar AEF0117 remt de verdere signaleringsstappen in de cel en dus de effecten van THC. Mensen met een cannabisverslaving hebben het middel getest en ervoeren inderdaad minder effecten dan normaal, maar ze verdwenen niet volledig. Ondertussen bleven ontwenningsverschijnselen uit en de deelnemers verminderden hun cannabisgebruik. 

‘Pijnbeleving gaat over meer dan alleen signalen tussen zenuwen’

Monique van Velzen - kopie

Monique van Velzen

Endogene opoïden, zoals endorfine, zorgen voor kortdurende pijnstilling. Bijvoorbeeld als je iets gloeiend heets aanraakt, dan duurt het even voordat je de pijn echt gaat voelen. ‘Endocannabinoïden zijn ook zulke pijnstillende stoffen’, vertelt dr. Monique van Velzen, universitair docent bij de afdeling Anesthesiologie van het Leids Universitair Medisch Centrum en bestuurslid van het Instituut Medicinale Cannabis Nederland. ’De theorie is dat endocannabinoïden pijnsignalen remmen door binding aan CB1-receptoren in het ruggenmerg. Hoe dan ook weten we dat cannabinoïden een belangrijke rol spelen bij pijn. Pijnbeleving gaat niet alleen over signalen tussen zenuwen, maar ook over hoe je pijn ervaart en welke emoties je brein daaraan verbindt.’ Bij mensen met chronische pijn is het signaleringssysteem ontregeld, vaak door schade in het perifere en/of centrale zenuwstelsel. De oorzaken zijn divers, bijvoorbeeld een herseninfarct, kanker, diabetes of fibromyalgie. Bestrijding is moeilijk en pijnvrij worden is meestal niet realistisch. Dat maakt chronische pijn een aanslag op iemands levenskwaliteit en mentale gesteldheid.

Verdampen of liever olie?

Sommige pijnpatiënten knappen flink op van cannabis, merkt Van Velzen in haar onderzoeksprojecten. ‘Of het nu daadwerkelijk de pijn stilt of niet, mensen voelen zich beter en dat helpt ze omgaan met de mentale en emotionele aspecten van pijn.’ In een recent afgeronde studie kreeg een groep fibromyalgiepatiënten zes weken lang medicinale cannabis, oxycodon of een combinatie. In de cannabisgroep zagen de onderzoekers de grootste tevredenheid en de minste bijwerkingen. Er kwam ook een nadeel naar voren: de verdamper. Van Velzen: ‘Cannabis verdampen en inhaleren is voor sommigen lastig en de dosering is niet erg nauwkeurig. Bovendien zit de geur veel mensen in de weg. Door stigmatisering van cannabis als drug, accepteert niet ieders omgeving het medicinale gebruik. Voor sommige patiënten was het zelfs reden om te stoppen.’

Binnenkort start Van Velzen een nieuw onderzoek met cannabisolie. Olie innemen is discreter dan verdampen en beter te doseren. Ook valt het geurprobleem weg. Aan de dubbelblinde gerandomiseerde crossover studie doen tweehonderd mensen mee met verschillende soorten chronische pijn door diverse oorzaken. Van Velzen: ‘We gaan allerlei factoren meten die een rol spelen bij pijn, zoals de lichaamseigen pijndemping, gevoeligheid voor warmte en koude, opname en uitscheiding van cannabinoïden en psychische aspecten. We willen beter leren begrijpen waarom iemand wel of niet goed reageert op medicinale cannabis.’ Van Velzen hoopt dat het onderzoek bijdraagt aan een betere voorspelbaarheid van de effectiviteit. Bij welke groep is de kans groot, of juist klein, dat het helpt? ’Nu gaat chronische pijnbestrijding nog met veel trial-and-error, maar we willen meer naar een gepersonaliseerde aanpak toe.”

PFAS1_web - kopie

PFAS

Beeld: Kristof Severijns

Het snelgroeiende hennep lijkt zeer geschikt voor fytoremediatie (bodemsanering met planten). Vlaamse onderzoekers toonden aan de planten PFAS uit de bodem kunnen opnemen. Na vijf jaar tien keer hennep planten en oogsten is de hoeveelheid PFAS in de bodem waarschijnlijk gehalveerd. Maar omdat de ongewenste stoffen alleen in de bladeren terechtkomen, blijven de vezels in de stam, die allerlei industriële toepassingen hebben, tijdens het saneringsproces gewoon geschikt voor de verkoop.