Redactioneel

 

Wil je champignons eten met of zonder polyfenoloxidase? Als ik die vraag nu op straat stel, krijg ik waarschijnlijk in 99 % van de gevallen te horen dat de versie zonder de voorkeur krijgt. Tenslotte vreest de massa chemie, al helemaal in combinatie met voeding. De tomaat met DNA erin is eng en kan sowieso niet lekker zijn. En genen, die moet je maar bij diegenen houden waar ze vandaan kwamen.

Stel, ik vraag dezelfde groep of ze champignons zouden willen eten die met CRISPR zijn veranderd of dat ze een onveranderde champignon zouden willen eten, dan wil waarschijnlijk de overgrote meerderheid de onveranderde champignon. Ze willen ‘natuurlijk’ voedsel en daar moeten geen rare biotechnologische technieken aan te pas komen.

Mijn derde vraag zou vervolgens zijn: ‘Wil je liever champignons die snel bruin worden, of die toch wat langer wit blijven?’ Het wordt nu wat meer gokken, maar ik verwacht dat een overgrote meerderheid kiest voor de lang witblijvende champignon.

De laatste vraag zou zijn: ‘Wil je champignons die langer wit blijven, omdat er minder polyfenoloxidase inzit dankzij een door CRISPR-mogelijk gemaakte verandering of wil je liever de champignons met veel polyfenoloxidase die snel bruin worden?’ Ik ben benieuwd naar de uitslag. Als mijn voorspellingen van de uitkomsten hiervoor kloppen, zitten er namelijk toch tegenstrijdigheden in de eerder gegeven antwoorden.

In de VS kreeg het US Department of Agriculture (USDA) deze vragenreeks onlangs al min of meer voor zijn kiezen. Onderzoekers van Penn State maakten namelijk een champignon waarbij de enzymactiviteit van polyfenoloxidase met 30 % zakte ten opzichte van een gewone Agaricus bisporus. Een groep van zes genen is verantwoordelijk voor het polyfenoloxidase en de onderzoekers ‘knockten’ met CRISPR een van de genen uit door slechts enkele basenparen weg te halen uit een van die zes genen.

Soortgelijke modificaties met TALENs of zinkvingersnucleases keurde het USDA al eerder goed. Maar afgelopen maand kwam het eerste CRISPR-gewas langs en de vraag was toch of dit nu wel of geen ggo was volgens de overheidsdienst. Die dienst oordeelde van niet en zodoende kan de champignon nu de markt op. De onderzoeker die het octrooi op zijn naam heeft staan, weet echter nog niet of hij een bedrijf wil starten. Tegenstanders van ggo’s zouden zeggen dat als hij het wel zou doen, hij mensen ongemerkt een ggo opdringt. Ik blijf me toch afvragen waarom dat meestal opeens geen probleem is bij gewassen die veranderd zijn dankzij klassieke mutagenese…

Kevin Kosterman vak/-eindredacteur C2W life scienceskkosterman@c2w.nl