Microbolletjes kunnen worden gebruikt om cellen te transporteren naar beschadigd weefsel. De cellen kunnen dan op de plaats van bestemming het weefsel repareren of regenereren terwijl de bolletjes zelf degraderen, zo valt te lezen in Nature Materials.

Als kraakbeencellen (chondrocyten) direct in het lichaam worden geïnjecteerd, wordt het weefsel niet goed gerepareerd. Dit kan worden voorkomen door de cellen op een drager te plaatsen die het natuurlijke milieu van de cellen imiteert, volgens medeauteur Peter Ma (University of Michigan).

Ma en zijn collega’s maakten uit stervormige polymeren van melkzuur die vanzelf holle microbolletjes vormen. Deze bolletjes imiteren de structuur van collageenvezels, die veel voorkomen in de extracellulaire matrix (ECM). Hierdoor hechtten de chondrocyten zich uitstekend aan de holle microbolletjes.

Door de onderzoekers werd vervolgens getest of de bolletjes de ECM goed genoeg imiteren. Chondrocyten bleken na drie weken op de bolletjes hun fenotype te hebben behouden.

In muizen die waren geïnjecteerd met chondrocyten op de bolletjes, waren de bolletjes na acht weken volledig afgebroken. Ook was er drie tot vier keer meer weefsel gegroeid in vergelijking met de controlegroep, die bestond uit los geïnjecteerde chondrocyten. De onderzoekers willen de bolletjes nu uitproberen in grotere dieren.

Bron: University of Michigan

Onderwerpen