Chemici wijzen er graag op dat hun vak cruciaal is voor het verduurzamen van de wereld. Tegelijkertijd geven de meeste labs zelf nog niet het goede voorbeeld. Maar universiteiten en hogescholen krijgen steeds meer oog voor verduurzaming van de eigen faciliteiten.

Hoewel veel chemisch en biologisch onderzoek een link heeft met duurzaamheid, zijn de laboratoria zelf vaak niet echt duurzaam te noemen. De apparatuur verbruikt veel stroom, de oplosmiddelen zijn vaak schadelijk voor het milieu en is er veel plastic afval. Gelukkig is er ook binnen de labs steeds meer aandacht voor duurzamer werken. Stap voor stap proberen instellingen hun carbon footprint te verminderen.

Thomas Freese

Thomas Freese

Ballen in het bad

Een van de methodes om labs te verduurzamen is het Laboratory Efficiency Assessment Framework (LEAF), ontwikkeld door University College Londen. Dit software systeem meet hoeveel stroom en chemicaliën je verbruikt en hoeveel CO2 je hiermee uitstoot. Op de Rijksuniversiteit Groningen gebruiken ze LEAF sinds vorig jaar, nadat een groep jonge onderzoekers besloot dat ze hun lab wilden verduurzamen. ‘Ik merkte dat ik privé duurzaam probeerde te leven, maar dat ik op mijn werk veel meer impact kon hebben’, zegt Thomas Freese, promovendus in de groep van Ben Feringa en LEAF-coördinator bij de faculteit Science and Engineering van de RuG. ‘Ik sprak andere promovendi en professoren die ook geïnteresseerd waren, en samen zijn we gaan onderzoeken wat er mogelijk was.’

Met de ontstane duurzaamheidscommissie zijn ze gewoon maar begonnen, vertelt Freese. ‘We hebben een lab-gids gemaakt met goede gewoontes om energie of chemicaliën te besparen, en die binnen het instituut gedeeld. En daarnaast hebben we het LEAF-systeem geïmplementeerd op een paar labs. Dit systeem meet eerst hoeveel je standaard verbruikt, en laat daarna zien hoeveel je bespaart met de maatregelen die je neemt. Afhankelijk van hoeveel je bespaart kun je een medaille krijgen.’

‘Je ziet per dag hoeveel je bespaart’

Thomas Freese

Bij de labs die meedoen zijn de zuurkasten zo veel mogelijk dicht, zijn plastic weegbootjes vervangen door glas, liggen er plastic ballen in het bad van de rotavap zodat het water niet verdampt en zijn vriezers van -80°C naar -70°C gegaan. Freese: ‘En mensen werken ook anders, bijvoorbeeld door meer met water te werken of te herkristalliseren in plaats van te kolommen.’ De eerste labs hebben inmiddels zoveel bespaard dat ze een zilveren LEAF-medaille hebben ontvangen. De andere labs zijn hard op weg naar hun bronzen medaille. ‘Meer dan dertig labs doen mee’, vertelt Freese. ‘De labs in de nieuwe gebouwen zijn het makkelijkst te verduurzamen, maar ook in de oude gebouwen proberen we zo ver mogelijk te komen.’ De LEAF software helpt om mensen erbij te houden. ‘Je ziet per dag hoeveel je bespaart, dus als je verslapt zie je het meteen.’

Johan Winne

Johan Winne

Overbodige runs

Niet iedereen kiest voor deze aanpak. ‘Met LEAF let je voor mijn gevoel te veel op cijfers’, vertelt Johan Winne, universitair hoofddocent Organische Chemie aan de UGent. ‘Wij kijken liever naar de processen binnen ons onderzoek en onderwijs, en proberen die aan te pakken.’ Zo werken ze bijvoorbeeld aan het verduurzamen van de practica. ‘Dit betreft experimenten die al jaren hetzelfde zijn, maar die ook werken met bijvoorbeeld duurzamere oplosmiddelen of op kleinere schaal.’ Ook andere procedures worden aangepakt, zegt Filip Boyen, labmanager bij de faculteit Diergeneeskunde van de UGent. ‘We hebben onze methodes voor PCR-metingen onder de loep genomen en vonden dat je overbodige of onbruikbare runs grotendeels kunt voorkomen door op voorhand goed na te denken over je experimenten. Ook kun je op die manier buffervolumes verkleinen en afval verminderen.’

Al deze ingrepen zorgen voor duurzamere labs, maar dat is niet de enige motivatie van de onderzoekers. ‘Als je minder giftige stoffen gebruikt of in kleinere volumes werkt maak je de processen vaak ook veiliger’, zegt Winne. ‘Het is dus een combinatie van speerpunten die mooi samengaan.’ Dit zorgt er ook voor dat er soms een compleet andere aanpak wordt gekozen. ‘Tijdens de coronatijd hebben we veel meer online alternatieven ontwikkeld’, zegt Boyen. ‘Meer filmpjes over de labtechnieken en interactieve VR-programma’s waarin studenten experimenten kunnen doen. Natuurlijk moeten ze in de basis leren hoe ze veilig op het lab werken, maar deze methodes kunnen wel een deel van de practica vervangen.’

‘Het voordeel van een onderwijsinstelling is dat we steeds verjongen’

Johan Winne

Hoewel ze op de UGent geen LEAF gebruiken, worden er al wel vergelijkbare initiatieven opgezet om de stromen op de labs in kaart brengen. Boyen: ‘Het zou wel helpen om een goed overzicht te krijgen van wat er binnen komt en wat er aan afval weer uit gaat. Ook zou ik wel willen weten waar dit afval terecht komt en waar we nog kunnen verbeteren, en hoeveel energie we verbruiken. Vanuit de UGent wordt hier nu ook wel op gestuurd, dus we hopen dit de komende jaren beter in beeld te krijgen.’

Filip Boyen

Filip Boyen

Besmette materialen

Op Hogeschool Rotterdam hebben ze een vergelijkbare wens om de stromen in beeld te krijgen, vertelt Eveline Bijleveld, themacoördinator circulaire makersindustrie bij Hogeschool Rotterdam. ‘We zagen dat individuele labs wel eens naar hun afvalstromen hebben gekeken, maar dat was klein, versplinterd onderzoek. Dus nu willen we het goed aanpakken en de complete hogeschool onder de loep nemen.’

Duurzaamheid is hier een steeds groter thema. Bijleveld: ‘Het initiatief lag eerst bij studenten of docenten die het belangrijk vonden om groener te werken, maar nu is er ook vanuit de strategie van de hogeschool meer aandacht voor.’ Hoewel de gezamenlijke inspanning pas net begint, zijn er al verbeteringen tot stand gebracht. ‘Zo kijken we of we glas kunnen gebruiken in plaats van plastic. Maar de grootste winst zat in de verbouwing van een aantal jaar geleden, daardoor hebben we nu een stuk zuinigere labs.’

‘Deze methodes kunnen een deel van de practica vervangen’

Filip Boyen

Buiten de verbouwde labs is er natuurlijk nog meer te winnen, en daarom hebben een aantal opleidingen deze vraag ook in hun onderwijs verwerkt. ‘We hebben een multidisciplinaire minor waarin studenten een laboratorium van het Erasmus MC gaan verduurzamen’, vertelt Bijleveld. ‘Ze kijken niet alleen naar de afvalstromen, maar ook naar de bedrijfsvoering, en wat je met de besmette materialen kunt doen. De studenten hebben hier leuke, frisse ideeën over, die andere studenten volgend jaar verder gaan uitwerken. En wellicht kunnen we deze maatregelen dan ook in onze eigen labs toepassen.’

Eveline Bijleveld 2023

Eveline Bijleveld

Koudwatervrees

Het gaat volgens Bijleveld niet vanzelf als je mensen mee wilt krijgen. ‘Ik zie nog veel koudwatervrees, en het is soms lastig om mensen uit hun gewoontes te trekken.’ Toch is de tijd rijp, denkt ze. ‘Iedereen ziet de enorme hoeveelheden afval in de prullenbak verdwijnen en weet dat we daar iets mee moeten. Dus het is nu zaak om mensen praktische handvaten te geven om ze te helpen om de stap te maken.’ Ook op de UGent gaat het motiveren van de medewerkers niet altijd even makkelijk. ‘Sommige processen zitten zo in het systeem, het duurt even voor iedereen die op de nieuwe manier uitvoert’, zegt Winne. ‘Maar het voordeel van een onderwijsinstelling is dat we steeds verjongen, en de nieuwe generatie brengt ook frisse moed mee.’

Freese merkt ook dat vooral de jonge medewerkers mee willen doen. ‘Veel collega’s werken aan projecten die met duurzaamheid te maken hebben, dus het is logisch dat je dan duurzaam werkt. En als je kunt onderbouwen waarom dingen werken en laat zien hoeveel geld je bespaart maak je het voor iedereen interessant.’ Om dit soort initiatieven een succes te maken blijft het belangrijk om samen te werken en kennis te delen. Daarom is er bij de UGent ook een duurzaamheidsteam opgericht met daarin onderzoekers van alle faculteiten. Boyen: ‘Het is belangrijk om van elkaar te leren wat wel en niet werkt, en niet op een eiland te blijven zitten.’

‘Ik zie nog veel koudwatervrees’

Eveline Bijleveld

Bijleveld is benieuwd wat de samenwerking gaat opleveren. ‘Er moet gewoon iets veranderen, zeker als je bedenkt dat wij de nieuwe generatie opleiden, de generatie die het verschil moet gaan maken in het verduurzamen van de wereld. Dan moeten we natuurlijk wel het goede voorbeeld geven.’