Door de recente uitbraak van gele koorts in Angola dreigt een tekort te ontstaan aan vaccins tegen de ziekte.

mug, gele koorts

Ineens greep eind vorig jaar de gele koorts om zich heen in de Angolese hoofdstad Luanda. Bij een vaccinatiedekkingsgraad van meer dan 80 % zou die uitbraak snel ingedamd zijn, maar dat percentage lag onder de 60 %. Om verdere verspreiding te voorkomen, moest de bevolking alsnog massaal gevaccineerd worden, waardoor de noodvoorraad van zes miljoen vaccins er in rap tempo doorheen werd gejaagd.

Halt

Helaas bracht de campagne het virus geen halt toe. Inmiddels besmette het virus in Angola al zeker 868 mensen en kostte het 353 mensen het leven. Ook in Congo-Kinshasa duikt de de ziekte nu op en er dreigt een tekort.
Vier bedrijven produceren het vaccin op kippeneieren en het productieproces duurt een half jaar tot bijna een jaar. Je besmet de eieren met het levende virus en vervolgens extraheer en incubeer je het keer op keer. Het proces kun je niet zomaar versneller of opschalen. Jaarlijks produceren die vier
bedrijven op deze manier tachtig miljoen doses. Het Franse Institut Pasteur liet al weten in Dakar een nieuwe productiefaciliteit te willen bouwen, maar voor de huidige uitbraak zal dat niet baten.
‘Wat nu gaat spelen, is de vraag of de ziekte naar China zal overslaan’, vertelt Eric van Gorp, hoogleraar klinische virologie aan het Erasmus MC in Rotterdam. Er werken duizenden Chinese arbeiders in Angola, die vaak heen en weer reizen ‘Er zijn nu al losse-importgevallen in China geconstateerd, maar we stelden nog geen lokale verspreiding in China vast. Maar mocht dat gebeuren, dan heb je enorme aantallen van het vaccin nodig om verdere verspreiding en een uitbraak te voorkomen.’ In Latijns-Amerika is een groot deel van de bevolking al gevaccineerd en heeft een deel de ziekte al eens doorgemaakt. Maar dat geldt lang niet voor iedereen.

‘We voeren steeds een achterhoedegevecht’

Om te voorkomen dat het vaccin helemaal opraakt, raadt een door de WHO geraadpleegde groep experts aan volwassenen tijdelijk een vijf keer lagere dosis van het vaccin te geven, laat voorlichter Tarik Jasarevic van de WHO weten. In dat geval zou het zeker een jaar lang bescherming bieden tegen het virus, maar niet levenslang, zoals bij de normale dosis. De lagere dosis is waarschijnlijk niet in staat is het geheugen van het immuunsysteem te triggeren, waardoor de immuniteit na verloop van tijd in vergetelheid raakt.
Hoe je dat geheugen triggert, is nog altijd een mysterie en werkt bij ieder virus weer anders. Omdat hiervoor geen universeel mechanisme ontdekt is en ook geen vaccins bestaan die tegen verschillende virussen tegelijk werken, moet je steeds wanneer er een nieuw(e variant van een) virus opduikt, opnieuw een vaccin ontwikkelen. ‘We voeren in feite steeds een achterhoedegevecht,’ zegt Van Gorp. ‘Het voorspellen van de verspreiding van bestaande en nieuwe virussen blijkt ondoenlijk,’ zegt Van Gorp. ‘Dus dit soort situaties zullen zich altijd blijven voordoen.’

Voorlichting

De onderzoeksgroep van Van Gorp zet daarom ook in op voorlichting, onder meer op scholen in Nederland, Suriname en Indonesië via het project Viruskenner.nl, onder het motto ‘kennis als antivirus’. Van Gorp: ‘We leren de scholieren hoe je virussen kunt overdragen, via muggen, water, voedsel, seks, bloed en lucht en hoe je die transmissie kunt voorkomen. Die kennis hopen we in hun geheugen te planten. Dat is eigenlijk het beste vaccin.’