Aan specifieke restjes DNA in witte bloedcellen (T-lymfocyten) kun je aardig aflezen hoe oud de eigenaar van het bloed is. Een uitkomst bij forensisch onderzoek, zo claimen onderzoekers van het Erasmus Medisch Centrum in het tijdschrift Current Biology.

Voor zover Manfred Kayser en collega’s weten, is het de eerste bruikbare leeftijdsbepaling op basis van bloedsporen. Voor eerdere methoden had je bot- of tandweefsel nodig, wat in het geval van een voortvluchtige dader niet zo handig is.

De nieuwe bepaling heeft alles te maken met het rijpingsproces dat T-cellen doormaken in de zwezerik (thymus). Daarbij wordt hun DNA gewijzigd om een receptor voor een bepaald pathogeen te vormen, en bij dat proces blijven stukjes ‘weggeknipt’ DNA achter in de cel.

De grap is nu dat dit proces alleen op volle kracht verloopt bij kinderen. Na een aantal jaren beschouwt het lichaam het immuunsysteem min of meer als ‘af’; de zwezerik wordt als het ware afgeschreven en langzamerhand vervangen door vetweefsel. Bij bejaarden ios er nauwelijks nog iets van over. Uiteraard krijgen die er nog wel nieuwe T-cellen bij maar dat zijn vooral kopieën van de oude, zonder die DNA-restjes.

Aan het aantal T-cellen mét restsequenties kun je aardig aflezen hoe ver de zwezerik ‘heen’ is en dus hoe oud hij ongeveer is, stelt Kayser. En die sequenties kun je met PCR-technieken redelijk eenvoudig kwantificeren.

Hij heeft het uitgeprobeerd met één zo’n sequentie, bij 195 proefpersonen van enkele weken tot 80 jaar oud. Veel meer dan 9 jaar bleek hij er zelden naast te zitten.

Kenners waarschuwen intussen wel dat het waarschijnlijk een stuk slechter werkt bij mensen met een verstoorde zwezerikfunctie, of met een immuunziekte zoals hiv of diabetes.

bron: naturenews

Onderwerpen