Reparatie van een defect gen in een zeer bepaald deel van de hersenen helpt muizen van de symptomen van depressie af. Hoog tijd om het ook bij mensen te proberen, denken Amerikaanse onderzoekers.

Het gen codeert voor een eiwit genaamd p11. In Science Translational Medicine stellen Michael Kaplitt en collega’s dat dit eiwit essentieel is voor het transport van serotoninereceptoren naar het oppervlak van zenuwcellen. Functioneert dit gen niet, dan kan serotonine zijn functie als neurotransmitter niet uitoefenen.

De meeste antidepressiva richten zich op de regeling van de hoeveelheid serotonine, en dat haalt in deze situatie dus ook bitter weinig uit.

Het idee van Kaplitt is nu om de functie van p11 op z’n minst te herstellen in de nucleus accumbens, het deel van de hersenen dat de perceptie lijkt te regelen van beloning, genot en andere positieve gevoelens. Analyse van de nucleus accumbens van overleden patiënten met een ernstige depressie liet inderdaad zien dat er veel minder p11 in zit dan normaal.

Proeven met muizen lijken te bevestigen dat deze benadering hout snijdt. Eerst schakelde Kaplitt in de nucleus accumbens van zo’n muis het p11-gen uit door ter plekke een virus te injecteren, dat een siRNA produceert dat specifiek is voor dit gen. Dat leidde inderdaad tot depressieve symptomen.

Vervolgens herstelde hij de P11-productie weer door ter plekke een nieuwe kopie van het gen te injecteren, met een ander virus als drager. Daarop gingen de muizen zich weer normaal gedragen.

Genen rechtstreeks in de hersenen injecteren lijkt nogal griezelig, maar het is de enige manier omdat het virus de bloed/hersenbarrière niet kan passeren. Dat kán echter ook een voordeel zijn: je weet nu zeker dat dat virus alleen in de nucleus accumbens zijn gen aflevert. En aangezien niemand weet p11 kan aanrichten in andere delen van de hersenen, is dat misschien maar goed ook.

Overigens lopen er al klinische proeven met precies hetzelfde virus en dezelfde injectiemethode, maar met een ander gen dat de ziekte van Parkinson moet helpen bestrijden. Dat lijkt tot nu toe goed te gaan.

bron: Weill Cornell Medical College, BBC News

Onderwerpen