Twee microRNA-moleculen genaamd MiR144 en MiR451 zijn eindverantwoordelijk voor de vorming van rode bloedcellen. In elk geval bij muizen, zo melden onderzoekers van het European Molecular Biology Laboratory (EMBL) in het Journal of Experimental Medicine.

Volgens de onderzoekers is de kans groot dat mensen dezelfde microRNA’s aanmaken. Vast staat dat ze gedurende de evolutie van gewervelde dieren vrijwel ongewijzigd zijn gebleven; vissen hebben ze bijvoorbeeld ook.

 

De microRNA’s zorgen er op de een of andere manier voor dat precursorcellen in bloedcellen worden omgezet. Daartoe moeten ze de vorm veranderen van rond naar afgeplat, de celkern afbreken en zorgen dat voldoende hemoglobinemoleculen in de cellen komen te zitten.

 

Onderzoekers van de Italiaanse EMBL-vestiging in Monterotondo hebben het bewezen door genetisch gemodificeerde muizen te kweken die deze microRNA’s niet aanmaken. Die muizen hadden inderdaad moeite met de omzetting van precursorcellen in rode bloedcellen.

 

Hoe dat precies werkt is nog onduidelijk. Maar nader onderzoek door het bioinformatica-instituut van EMBL in Hinxton (Engeland) doet vermoeden dat MiR 451 de belangrijkste van de twee is en dat dit molecuul niet één gen aan- of uit zet, maar een hele reeks genen op verfijnde wijze aanstuurt.

 

Om voor het tekort te compenseren maakten de muizen extra precursorcellen aan, waarbij ze niet alleen hun beenmerg overuren lieten draaien maar ook hun milt. Op die manier konden ze onder ideale omstandigheden nog nét hun bloedwaarden op peil houden, hooguit geplaagd door een lichte bloedarmoede. Maar zodra ze een stof kregen ingespoten die het tekort aan rode bloedcellen kunstmatig verergerde, liepen de muizen een grote kans om voortijdig dood te gaan.

 

bron: EMBL

Onderwerpen