Ramakrishnan, Steitz en Yonath delen chemieprijs

De Nobelprijs voor chemie gaat dit jaar naar de Amerikanen Venkatraman Ramakrishnan en Thomas Steitz, en de Israelische Ada Yonath. Ze krijgen de prijs ter waarde van 10 miljoen Zweedse kronen voor hun bijdragen aan de ontsluiering van de manier waarop ribosomen genetische informatie vertalen naar eiwitten.

In een toelichting wordt gesteld dat dit ‘de derde Nobelprijs voor chemie is in een serie die laat zien hoe Darwins theorieën in het echt functioneren, op atomair niveau.’

Alledrie de laureaten hebben röntgenkristallografie toegepast om de manier, waarop bestaande antibiotica zich aan bacteriële ribosomen binden, driedimensionaal in beeld te brengen. Dergelijk onderzoek is essentieel voor de ontwikkeling van nieuwe antibiotica.

Yonath begon hier in de jaren 70 al aan te werken. Rond 1980 slaagde ze er als eerste ter wereld in om het grootste van de twee 'subunits' van een bacterieel ribosoom te laten uitkristalliseren.

Het duurde echter tot de jaren negentig voordat de kristallen zuiver genoeg waren om röntgenopnamen van voldoende kwaliteit te kunnen maken voor een structuurbepaling. Voor dat laatste was bovendien de inbreng van Steitz onmisbaar; die wist namelijk te achterhalen in welke stand de ribosomen in de kristallen zaten.

Pas in 2000 publiceerde Steitz de 3D-structuur van de grote ribosoom-subunit uit Haloarcula marismortu, een zoutminnende bacterie uit de Dode Zee. Vrijwel tegelijk kwamen Yonath en Ramakrishnan met de structuur van de kleine subgroep uit de thermofiele bacterie Thermus thermophilus.


bron: nobelprize.org

Onderwerpen