Menselijke cellen bevatten RNA-moleculen waarvan de genetische code niet in hun DNA is terug te vinden. Ze moeten dus beschikken over een biochemisch mechanisme dat RNA rechtstreeks naar RNA kopieert, zo stellen Amerikaanse onderzoekers in Nature.

Welk mechanisme dat dan is, blijft nog even een raadsel.

Tot nu toe staat alleen van planten en heel simpele organismen, zoals gistcellen, vast dat ze RNA rechtstreeks kunnen kopiëren. Zoogdieren stellen volgens alle leerboeken hun RNA samen door DNA af te lezen. Dat dat niet de hele waarheid is wordt al veel langer vermoed, maar tot nu toe bleef het bij een niet te bewijzen hypothese.

Het bewijs lijkt nu te worden geleverd door korte RNA-moleculen die eerder over het hoofd zijn gezien. De beschikbare sequensing-apparatuur was niet goed genoeg om ze te detecteren.

Het Nature-artikel is dan ook uitstekende reclame voor de ‘single-molecule sequencing’-apparatuur van Helicos BioSciences in Cambridge (Massachusetts), waarmee je wél de duizenden verschillende RNA-varianten in menselijk weefsel uit elkaar kunt houden. Niet voor niets werken 6 van de 12 auteurs bij Helicos.

Het artikel vormt tevens de zoveelste bevestiging van het vermoeden dat er veel meer verschillende RNA’s bestaan dan de wetenschap tot nu toe dacht. Je mag aannemen dat die bijna allemaal de een of andere regelfunctie hebben. Dat opent dan weer nieuwe mogelijkheden voor de medische wetenschap, vooral in de diagnostische hoek.

En nieuwe afzetmarkten voor Helicos, uiteraard.

bron: University of Pittsburgh

Onderwerpen