Lastig te zien wat de mannetjes zijn.

Met een simpele genetische ingreep krijg je zijderupsen zo ver dat alleen de mannelijke exemplaren overleven. Die zijn immers efficiënter dan de vrouwtjes, claimt het Engelse bedrijf Oxitec.

De mannetjes van Bombyx mori eten minder, produceren een betere kwaliteit zijde en zijn resistenter tegen ziektes dan de vrouwtjes. hoe dat precies komt is nog niet duidelijk maar kwekers wisten het allang.

Er zijn dan ook al vele strategieën uitgeprobeerd om alleen mannelijke rupsen in handen te krijgen. Het probleem was tot nu toe alleen dat je elke generatie opnieuw moest modificeren. Met genetisch gemodificeerde vlinders die allemaal van het mannelijk geslacht zijn, valt immers lastig door te fokken.

Samen met Chinese wetenschappers heeft Oxitec nu octrooi aangevraagd op een manier om de modificatie tijdelijk uit te zetten. In PNAS werd het zojuist uit de doeken gedaan. Het komt er op neer dat de rupsen een extra gen meekrijgen dat codeert voor een dodelijk transactivator-eiwit. Het wordt zo ingebouwd in het zijderupsgenoom dat het alleen tot expressie komt in vrouwelijke exemplaren, die daardoor op zeer jonge leeftijd overlijden.

Dat eiwit wordt weer geinactiveerd door tetracycline. Doe je een beetje van dat antibioticum in de voeding, dan blijven de vrouwtjes gewoon leven en kun je ze voor nakroost laten zorgen.

Eerder modificeerde Oxitec al knokkelkoortsverspreidende muggen (Aedes aegypti) op een vergelijkbare manier. Bij die muggen gaan echter alle jongen dood voordat ze zich kunnen vermenigvuldigen. Het idee is om er grote aantallen van te kweken en die uit te zetten in de vrije natuur: telkens als er eentje paart met een ‘wilde’ mug, krijgt die ook geen levensvatbare nakomelingen meer.

De nieuwsredactie van Nature tekent er bij aan dat het maar één van de vele pogingen is om de productiviteit van zijderupsen genetisch op te voeren. Zo werkt een groep uit Oxford ook al aan een manier om de rupsen te immobiliseren, zodat je de zijdevezels zò uit hun achterste kunt trekken. Dat is veel mnder werk dan een cocon uit elkaar pluizen.

bron: naturenews

Onderwerpen