CD34+-bloedstamcel.

Bloedstamcellen bepalen mogelijk de uiterste gebruiksdatum van het menselijk lichaam. Dat valt op te maken uit het nagelaten bloed van een 115-jarige, melden VU-onderzoekers in Genome Research.

Hendrikje van Andel-Schipper overleed in 2005 aan maagkanker. Voor zover bekend was ze toen de oudste mens ter wereld en zéker de oudste die ooit haar lichaam aan de wetenschap heeft nagelaten. En het komt er op neer dat ze toen nog maar twee werkende hematopoietische stamcellen moet hebben gehad.

Die bloedstamcellen zorgen voor de aanmaak van verse witte bloedcellen. De onderzoekers hebben het DNA in een groot aantal van die witte bloedcellen gesequenst, en vonden maar twee varianten.

Normaal gesproken beschikt een mens over ongeveer 1.300 actieve bloedstamcellen, die zichzelf voortdurend delen. Onduidelijk is hoe lang je nog kunt leven als je er maar twee overhebt, maar erg lang zal het niet zijn.

Het onderzoek leerde ook dat de uiteinden van Van Andels chromosomen, de zogeheten telomeren, extreem kort waren geworden. Die telomeren gelden al langer als maar voor de tijd die een organisme nog te leven heeft; bij elke celdeling worden ze iets korter en als ze al te kort worden krijg je fouten bij de aflezing van het chromosoom. Het zou de reden kunnen zijn dat de overige bloedstamcellen waren afgestorven.

Goed nieuws is dan weer dat bloedcellen kennelijk heel wat DNA-schade kunnen hebben. De onderzoekers hebben een vergelijking gemaakt met hersencellen, die zich na de geboorte nauwelijks meer delen en dus vrijwel gaaf DNA bevatten. Ze vonden zo’n 450 verschillen met het bloedcellen-DNA. Maar kennelijk konden deze ‘somatische mutaties’ (dat zijn mutaties die lokaal optreden na de conceptie en niet aan het nageslacht worden doorgegeven) geen van allen echt kwaad, want Van Andel was tot kort voor haar dood kerngezond.

Dat versterkt de indruk dat het niet de achteruitgang van het DNA als geheel maar de slijtage van de bloedstamcel-telomeren is die bepaalt hoe lang je maximaal leeft. Eerste auteur Henne Holstege (een dochter van Gert Holstege die als eerste naam maakte met het uitpluizen van Van Andels stoffelijk overschot) heeft al gesuggereerd om eerder in het leven een aantal van die stamcellen te isoleren en in te vriezen als reserve.

bron: Cold Spring Harbor Laboratory

Onderwerpen