Palmolieplantage.

Of bio-vliegtuigbrandstof echt ‘groener’ is dan fossiele kerosine, hangt helemaal af van de manier waarop je het maakt. In het ergste geval kun je nog beter steenkool vloeibaar maken, claimt MIT-onderzoeker James Hileman.

Volgens zijn berekeningen kan het er op uitdraaien dat biobrandstoffen per liter 10 keer zo veel CO2 de atmosfeer in slingeren als fossiele kerosine. ‘Vergeleken hiermee zien zelfs ‘coal to liquids’-brandstoffen (dus gemaakt via kolenvergassing en een Fischer-Tropschproces, red.) er nog groen uit”, aldus Hileman. Met de opmerking dat coal-to-liquids in absolute zin juist géén groene optie is.

Samen met twee promovendi heeft hij 4 jaar lang gerekend om de levenscycli van 14 verschillende bronnen van vliegtuigbrandstof nu eens echt goed doorzichtig te krijgen. De uitkomsten zijn onlangs door Environmental Science and Technology online gezet.

De boodschap is dat bij de productie en het transport van biobrandstoffen altijd CO2 vrij komt, omdat er nu eenmaal energie voor nodig is. En die hoeveelheid CO2 kan veel groter zijn dan je op het eerste gezicht zou denken.

De belangrijkste factor blijkt daarbij de grond, die je uitkiest om je biomassa te kweken. Kap je een stuk regenwoud om een palmolieplantage aan te leggen, dan wordt de CO2-productie ineens een factor 55 hoger dan wanneer je die palmolieplantage op bestaand akkerland aanlegt.

Aan de andere kant kun je de emissies weer omlaag drukken door ook de bijproducten van je biomassa nuttig te gebruiken, bijvoorbeeld als veevoer of als brandstof voor een elektriciteitscentrale.

Volgens Hileman moeten beleidsmakers dus goed opletten voordat ze kiezen voor een bepaalde biobrandstof en besluiten tot het aanleggen van de bijpassende infrastructuur. Anders zouden de gevolgen van zo’n beslissing achteraf wel eens vies kunnen tegenvallen.

bron: MIT

Onderwerpen