Internetverslaving is net zo goed genetisch bepaald als nicotineverslaving, en het ligt nog aan hetzelfde gen ook. Duitse onderzoekers hebben het statistische ‘bewijs’ zojuist gepubliceerd in het Journal of Addiction Medicine.

Christian Montag, van de universiteit van Bonn, en zijn collega’s ondervroegen 843 mensen over hun internetgebruik. Daarvan bleken er 132 verslavingsverschijnselen te tonen. Hun DNA werd vervolgens vergeleken met dat van 132 niet-internetverslaafden.

De verslaafden bleken bovengemiddeld vaak drager van een bepaalde variant in het CHRNA4-gen, dat codeert voor een onderdeel van een acetylcholinereceptor in de hersenen. Die receptor reageert tevens op nicotine, wat zijn rol bij tabaksverslaving op zijn minst gedeeltelijk verklaart.

De link met onlineverslaving is minder duidelijk. De kans lijkt klein dat internet de productie in de hand werkt van een nog onbekend molecuul dat eveneens op de receptor past. Veel waarschijnlijker is dat het te maken heeft met de veranderde gevoeligheid van deze receptor voor acetylcholine, waardoor het 'beloningssysteem' van de hersenen anders dan anders wordt geprikkeld. Dat zou dan weer kunnen betekenen dat deze genetische afwijking de gevoeligheid voor élke willekeurige verslaving verhoogt.

Opvallend is wel dat de afwijking vooral bij internetverslaafde vrouwen wordt gevonden, terwijl uit eerder onderzoek bleek dat mannen over het algemeen vaker internetverslaafd zijn. Volgens Montag moeten er dus verschillende vormen van internetverslaving bestaan waarvan er maar een met dit gen te maken heeft.

bron: Universität Bonn

Onderwerpen