Specialisme voorbehouden aan getalenteerde haantjes.

Specialismen waarvan de beoefenaars vinden dat je er briljant voor moet zijn, trekken het laagste percentage vrouwen. De reden is niet helemaal duidelijk maar statistisch gezien klopt het, schrijven Amerikaanse onderzoekers in Science.

Voor Amerikanen van Afrikaanse afkomst geldt precies hetzelfde, ongeacht het geslacht. Dat ook die groep nogal eens te onrechte wordt beschuldigd van ‘gebrek aan aangeboren intelligentie’, zal wel geen toeval zijn. Aan Aziatische Amerikanen kleeft dat stereotype niet, en bij hen zie je dus ook het effect niet.

De onderzoekers vroegen ruim 1.800 promovendi, postdocs en universitaire stafleden uit 30 vakgebieden om de sfeer binnen hun eigen vakgebied te beoordelen. Vervolgens zetten ze het belang van aangeboren talent af tegen het percentage vrouwelijke, respectievelijk donkerhuidige promovendi, en vonden iets dat enigszins leek op een rechte lijn.

Overigens zijn wiskunde, natuurkunde, werktuigbouw en informatica de bètavakken met de meeste waardering voor aangeboren talent. Aardwetenschappen, neurowetenschappen en moleculaire biologie zitten onderaan de schaal, chemie en statistiek ergens halverwege. De onderzoekers hebben ook gekeken naar alfa/gammawetenschappen: daar hechten filosofen veruit de meeste waarde aan talent, en onderwijskundigen het minst - in de VS is daar dan ook 70 procent van de promovendi vrouw.

bron: C&EN, Science