De maagbacterie Helicobacter pylori beschermt muizen tegen astmatische klachten. Dat voedt de vermoedens dat overmatig antibioticagebruik te maken heeft met de vatbaarheid van de moderne Westerse mens voor allergieën, zo schrijven Zwitserse en Duitse onderzoekers in het Journal of Clinical Investigation.

H. pylori is vooral bekend als veroorzaker van maagzweren en erger. Maar er zijn schattingen dat de helft van de wereldbevolking met deze bacterie is besmet, terwijl de overgrote meerderheid daar niets van merkt. In Westerse landen is dat percentage echter een stuk lager: het schijnt dat ooit 70 tot 90 procent van de kinderen was besmet en dat het inmiddels minder dan 10 procent is.

Twee eerdere onderzoeken lieten intussen zien dat mensen met CagA in hun bloed, een eiwit dat karakteristiek is voor H.pylori, relatief zelden last hebben van allergieën die tot astmatische klachten leiden. Dat leidde tot de hypothese dat de mens door overmatig antibioticagebruik steeds meer natuurlijke symbionten kwijtraakt, en dat als gevolg daarvan het afweersysteem steeds verder wordt verzwakt.

Anne Müller (Universität Zürich) en collega’s hebben nu de proef op de som genomen door muizen met H. pylori te infecteren en te kijken of hun immuunsysteem zich anders onwikkelde dan dat van onbesmette muizen. Dat bleek inderdaad zo te zijn, vooral als de besmetting een paar dagen na de geboorte plaatshad. Het immuunsysteem bleek dan na verloop van tijd de bacterie te tolereren, maar tegelijk een uitermate stevige afweer op te bouwen tegen astma-opwekkende allergenen.

Moord je vervolgens bij die muizen de H.pylori-populatie uit met behulp van antibiotica, dan blijkt de extra weerstand ook zo weer weg te zijn.

Hoe dat precies kan, is nog niet duidelijk. Het lijkt er op dat de bacterie de ontwikkeling beïnvloedt van bepaaldeT-cellen die uiterst effectief zijn tegen de allergenen in kwestie.

bron: Universität Zürich

Onderwerpen