Afgelopen, uit.

Brussel heeft de buik vol van biobrandstoffen die landbouwgrond verbruiken en netto nauwelijks klimaatwinst opleveren. De lat voor duurzame energie gaat flink omhoog, zo blijkt uit een voorstel dat de Europese Commissie vandaag heeft gelanceerd.

De managementsamenvatting vind je hier.

Het voorstel volgt op een paar kritische rapporten, die lieten zien dat de huidige biobrandstoffen vaak bitter tegenvallen wat duurzaamheid betreft. Bijvoorbeeld omdat ze ten kosten gaan van de wereldvoedselproductie, of omdat de teelt bijna net zo veel CO2-uitstoot oplevert als je met het product bespaart. Op die manier kun je wellicht de doelstelling halen van 10 procent duurzame transportbrandstof in 2020, maar veel schiet het klimaat er niet mee op.

Het nu gepresenteerde voorstel houdt in dat die 10 procent gehandhaafd blijft. Maar daarbij mag alleen de hoeveelheidt eerste-generatiebiobrandstof op basis van eetbare biomassa worden meegeteld, die in 2011 werd geproduceerd. Dat was ongeveer de helft van die 10 procent. Meer van zulke brandstof maken wordt overigens niet verboden.

Voor biofuelproductie-installaties die na 1 juli 2014 in gebruik worden genomen, gaat gelden dat de producten een broeikasgasemissiebesparing van tenminste 60 procent moeten opleveren, vergeleken met de fossiele brandstoffen die ze besparen. Voor oudere fabrieken blijft de huidige eis van 35 procent van kracht tot eind 2017, daarna moeten ze zo ver zijn verbeterd dat ze 50 procent halen. Zo niet, dan kunnen ze naar hun Europese duurzaamheidssubsidies fluiten.

Bij de berekening van die percentages moet voortaan bovendien rekening worden gehouden met de hoeveelheid landbouwgrond die de productie kost. Werk je op basis van afvalmateriaal, dan wordt die hoeveelheid gedefinieerd als zijnde nul.

Daarnaast zal de EU extra stimuleringsbeleid ontwikkelen voor tweede- en derdegeneratiebrandstoffen op basis van afval of bijvoorbeeld algen.

In het voorstel zitten diverse maatregelen gebakken die moeten garanderen dat reeds gedane investeringen in sub-optimale biobrandstof niet meteen waardeloos worden. Zolang nieuwe investeringen in die richting maar worden voorkomen. Toch blijft het natuurlijk de vraag of de lidstaten dit gaan slikken - die hebben er immers op gerekend dat ze met die nieuwe investeringen nog jarenlang hun eigen landbouwsector blij kunnen maken.

bron: EU

Onderwerpen