Op minstens één plek op de maan zit tweemaal zo veel water in de grond als in de Sahara. Dat valt op te maken uit de eerste resultaten van het LCROSS-experiment van een jaar geleden, die deze week uitgebreid worden gepresenteerd in Science.

LCROSS hield in dat men een sonde met een collectie camera’s en spectrometers liet crashen in de buurt van de zuidpool van de Maan. De laatste trap van de draagraket liet men op hetzelfde punt inslaan, maar dan wel 4 minuten eerder. De sonde vloog dus door de stofwolk van die eerste inslag, en kon de samenstelling van het stof terugseinen voordat hij zelf verloren ging. Bovendien was er nog een andere NASA-satelliet in de buurt die ook de nodige metingen deed.

Belangrijkste doel van de missie was het checken van de hypothese dat de maanbodem (of in elk geval de stukken waar de zon nooit komt, en die dus ijskoud zijn) grote hoeveelheden waterijs bevat. Dat blijkt inderdaad het geval: ongeveer 5,6 procent van het door de crash opgeworpen stof bestond uit ijskristallen. De metingen doen vermoeden dat ze nog redelijk zuiver zijn ook, zodat eventuele kolonisten geen dorst zouden hoeven te leiden.

De metingen hebben tevens uitgewezen dat er veel meer variatie in het maanstof zit dan men eigenlijk had verwacht. Zo heeft men waterstof, calcium, magnesium, koolstofmonoxide, kwik, zilver en lichte koolwaterstoffen zien langskomen. Een deel daarvan is mogelijk afkomstig van asteroïden die ooit op het Maanoppervlak zijn ingeslagen.

bron: naturenews

Onderwerpen