Dit exemplaar ontzilt drinkwater.

Kleine chemische fabrieken in containers kúnnen economisch aantrekkelijker zijn dan grootschalige bulkchemie. Vooral wanneer je zo een complete productieketen op één locatie kunt neerzetten, blijkt uit onderzoek onder leiding van de TU Delft.

Het gaat lijnrecht in tegen het hardnekkige procestechnologische dogma dat schaalvergroting altijd voordeel oplevert.

Projectleider Telli van der Lei, universitair docent Strategic Engineering Asset Management in Delft, geeft toe dat de productie in één zo’n losse container duurder is dan in een grote fabriek. Maar daar staat tegenover dat je tussenproducten rechtstreeks van de ene naar de andere container kunt pompen. Terwijl je ze anders vervoersklaar moet maken, inpakken en transporteren naar de volgende speler in de keten, die soms in een ander werelddeel zit.

Het ISPT-project Economy of Chain, waaraan naast de TU onder meer ook DSM, ingenieursbureau Tebodin en de Rotterdam School of Management meewerkten, heeft het eerste rekenmodel opgeleverd dat de mogelijkheden doorrekent voor een wereldwijde toeleverketen, waarbij ook factoren als marktdynamiek, concurrentie en onderlinge samenwerking worden meegenomen.

Daar komt dus uit dat die containers inderdaad voordeliger kunnen uitpakken. “Met name als je in een reeds bestaande waardeketen de fabrieken bij elkaar gaat zetten”, verduidelijkt Van der Lei. “Denk bijvoorbeeld aan een keten van grondstoffen via monomeer en polymeer tot eindproduct.”

Bijkomend voordeel van die containers is dat ze verplaatsbaar zijn: “Je bent snel bij de markt die je wilt bedienen, en ook even snel weer weg.”

Dergelijke minifabrieken zijn nu nog zeldzaam, maar voor een paar toepassingen bestaan ze al. Een recent voorbeeld is de installatie van het Amerikaanse leger, die op een scheepsdek in de Middellandse Zee de Syrische gifgasvoorraad vernietigt.

Van der Lei ziet al een commerciële variant opdoemen: “Je laadt je grondstoffen in een schip, zet de containers aan dek en tegen de tijd dat je in China arriveert heb je je product klaar.”

bron: TU Delft

Onderwerpen